Update Netcapaciteit

Juli

Zonnepark langs snelweg

Dit is de terugkerende update over de capaciteit van het elektriciteitsnet van Stedin. Deze update is voor klanten met een grootverbruik aansluiting en voor gemeenten, provincies en stakeholders in ons verzorgingsgebied met o.a. Utrecht, Zuid-Holland, Zeeland en de Rotterdamse haven.

  

Wilt u automatisch op de hoogte blijven? Meld u dan aan voor deze maandelijkse update.


Aanmelden voor maandelijkse update netcapaciteit

In deze update

  • Aankondiging congestie station Hellevoetsluis 25/10 kV
  • Aankondiging congestie stations Europoort 25/10 kV en Wellebrug 25/10 kV
  • Toolkits voor gemeenten en andere intermediairs over het maatschappelijke prioriteringskader
  • ProRail en Stedin starten samenwerking voor slimmer benutten stroomnet in Utrecht
  • Eerste binnenstedelijke ehub gestart in Den Haag
  • Laadplein met bidrectioneel laden geopend in Utrecht
  • Nieuw elektriciteitsstation Delft opengesteld tijdens Dag van de Bouw
  • Uit het nieuws
  • Agenda

Aankondiging congestie station Hellevoetsluis 25/10 kV

Op 1 juli 2026 kondigt Stedin congestie voor afname (verbruik) aan voor station Hellevoetsluis 25/10 kV en start hier een onderzoek naar congestiemanagement. De congestie treft zowel grootverbruik- als kleinverbruikklanten in Hellevoetsluis, Westvoorne-Zuid en buitengebieden. Dit congestiegebied ligt binnen een groter congestiegebied van TenneT, daarom spreken we van ‘gestapelde congestie’.  

Wachtlijst 

TenneT kondigde de congestie op het hoger gelegen net op 17 november 2022 aan. Aanvragen van grootverbruikklanten staan hier sinds die tijd op de wachtlijst. De nieuwe congestieaankondiging van Stedin op station Hellevoetsluis heeft voor bestaande aanvragen op de wachtlijst geen gevolgen. Zodra er ruimte is op het net van TenneT, kunnen deze aanvragen worden geholpen.  

Klanten die vanaf 1 juli 2026 een aanvraag doen in het congestiegebied van station Hellevoetsluis, plaatsen wij vanaf die datum op de wachtlijst voor dit station. Deze blijven op de wachtlijst staan totdat de netuitbreidingen op het hoogspanningsnet én op het regionale net zijn afgerond of totdat er tussentijds (extra) flexibel vermogen beschikbaar komt.  

Netuitbreidingen  

Om meer ruimte in de regio te realiseren zijn netuitbreidingen nodig op zowel het hoogspanningsnet als het regionale net. Voor het regionale net betekent dit de realisatie van een nieuw station. Wij verwachten deze te realiseren in de periode 2029 en 2030. De netuitbreidingen op het hoogspanningsnet van TenneT voor de Rotterdamse haven, zijn naar verwachting gereed tussen 2032 en 2035.

Aankondiging congestie stations Europoort 25/10 kV en Wellebrug 25/10 kV

Op 1 juli 2026 kondigt Stedin congestie voor afname (verbruik) aan voor de stations Europoort 25/10 kV en Wellebrug 25/10 kV en start een onderzoek naar congestiemanagement. Het congestiegebied omvat de Rotterdamse Haven, Voorne aan Zee en omliggende gemeenten. Omdat dit nieuwe congestiegebied binnen een groter gebied valt waar al beperkingen zijn op zowel het net van TenneT als Stedin, spreken we van gestapelde congestie. 

Wachtlijst station Europoort  

In het gebied rondom Europoort is eerder al congestie afgekondigd op afname. Door Stedin op 31 oktober 2025 voor het 150/25 kV station Europoort en door TenneT op 17 november 2022 voor het bovenliggende net in het Rotterdamse havengebied. Aanvragen van grootverbruikklanten in de regio staan sinds die tijd op de wachtlijst van Stedin en/of van TenneT. De nieuwe congestieaankondiging voor station Europoort 25/10 kV heeft voor bestaande aanvragen op deze wachtlijst geen gevolgen. Zodra er ruimte is op het net van TenneT én op het 150/25 kV station Europoort, kunnen deze aanvragen worden geholpen.  

Klanten die vanaf 1 juli 2026 een aanvraag doen in het congestiegebied van station Europoort 25/10 kV, plaatsen wij vanaf die datum op de wachtlijst voor dit station. Deze blijven op de wachtlijst staan totdat de netuitbreidingen op het hoogspanningsnet en het regionale net, het 150/25 kV station Europoort én op het 25/10kV station Europoort zijn afgerond of totdat er tussentijds (extra) flexibel vermogen beschikbaar komt.  

Wachtlijst station Wellebrug 

In het gebied rondom Wellebrug is op 17 november 2022 al congestie afgekondigd op afname door TenneT op het bovenliggende net in het Rotterdamse havengebied. Aanvragen van grootverbruikklanten in de regio staan sinds die tijd op de wachtlijst. Deze nieuwe congestieaankondiging op station Wellebrug 25/10 kV heeft voor bestaande aanvragen op de wachtlijst geen gevolgen. Zodra er ruimte is op het net van TenneT kunnen deze aanvragen worden geholpen.  

Klanten die vanaf 1 juli 2026 een aanvraag doen in het congestiegebied van station Wellebrug 25/10 kV, plaatsen wij vanaf die datum op de wachtlijst voor dit station. Deze blijven op de wachtlijst staan totdat de netuitbreidingen op het hoogspanningsnet én op het 25/10kV station Wellebrug zijn afgerond of totdat er tussentijds (extra) flexibel vermogen beschikbaar komt.  

Netuitbreiding  

Om meer ruimte in de regio te realiseren zijn netuitbreidingen nodig op zowel het hoogspanningsnet als het regionale net. Voor het regionale net betekent dit een verzwaring van het station Europoort 25/10 kV en een nieuw station Hellevoetsluis 2. Wij verwachten deze te realiseren tussen 2029 en 2030. Daarnaast moet er een nieuw 150/25 kV station Merwedeweg worden gebouwd die belasting op het bestaande 150/25 kV station Europoort wegneemt. TenneT realiseert daarnaast een nieuw 380 kV station (Simonshaven) en een nieuw 380 kV station Europoort, dat naar verwachting respectievelijk in 2031 en in 2032-2035 gereed is.

Toolkits voor gemeenten en andere intermediairs over het maatschappelijke prioriteringskader

Het stroomnet raakt op steeds meer plekken voller. Dat verschilt per regio en moment. Daardoor kunnen we nieuwe of zwaardere aansluitingen niet altijd direct realiseren. Daarom heeft de Autoriteit Consument en Markt (ACM) regels gemaakt om de beschikbare ruimte op het stroomnet eerlijk te verdelen. Dit heet maatschappelijk prioriteren: belangrijke maatschappelijke projecten krijgen een hogere plek krijgen op de wachtlijst.    

Om goed te begrijpen hoe dit kader werkt in de praktijk, hebben we een korte video gemaakt waarin we stap voor stap uitleggen hoe het prioriteren en de wachtlijst worden ingericht. 

Vol stroomnet vraagt om keuzes: dit verandert er per 1 juli  

Een belangrijke verandering in deze nieuwe regels is dat we stoppen met het reserveren van capaciteit voor verbruikers met een kleine aansluiting.  Alle aanvragen voor een nieuwe of zwaardere aansluiting – van zowel verbruikers met een grote aansluiting als verbruikers met een kleine aansluiting – komen op één gezamenlijke wachtlijst. Hierdoor krijgen huishoudens en bedrijven steeds vaker te maken met wachttijden voor een nieuwe of zwaardere aansluiting, in sommige gebieden oplopend tot meerdere jaren.  

Deze ontwikkelingen hebben direct impact op plannen voor woningbouw, verduurzaming en economische groei. Gemeenten en provincies zijn vaak het eerste aanspreekpunt voor vragen en moeten beleid vertalen naar concrete keuzes. Ook helpen zij inwoners en ondernemers om realistische verwachtingen te hebben. Heldere en consistente communicatie is daarom essentieel. 

Toolkit met uitleg en communicatiemiddelen over prioriteren en reserveren 

Om daarbij te ondersteunen hebben we toolkits ontwikkeld met duidelijke kernboodschappen, uitleg over de impact van het volle stroomnet en concreet handelingsperspectief: wat kan nog wél. Ook bevatten ze kant-en-klare communicatiemiddelen, zoals nieuwsberichten, social posts en presentaties. Bekijk de toolkits via NBNL toolkits voor prioriteren op het stroomnet en verdiep je verder via de dossierpagina rond maatschappelijk prioriteren. Door deze te gebruiken, zorgen we samen voor duidelijke informatie en betere keuzes in een periode van schaarste.

0:02 / 1:00

ProRail en Stedin starten samenwerking voor slimmer benutten stroomnet in Utrecht

Samen met ProRail, TenneT en de gemeente Utrecht werken we aan een innovatieve oplossing om het overbelaste elektriciteitsnet in de regio te ontlasten. Aanleiding is de aanhoudende netcongestie, waardoor de beschikbare transportcapaciteit op piekmomenten onvoldoende is om aan de vraag te voldoen  

Langs het spoor bij bedrijventerrein Lage Weide komt, in opdracht van Stedin, een zogenoemde flex asset: een installatie die op piekmomenten tijdelijk extra elektriciteit kan leveren aan het openbare net. Deze maakt gebruik van de bestaande stroomaansluiting van ProRail, die normaal gesproken alleen wordt ingezet voor treinverkeer.


Slim gebruik van bestaande infrastructuur

De kern van de oplossing is dat bestaande elektriciteitsaansluitingen langs het spoor voortaan in twee richtingen kunnen worden gebruikt. Waar deze verbindingen nu vooral stroom afnemen voor het treinverkeer, bieden ze ook mogelijkheden om energie terug te leveren aan het net. Door energie terug te leveren wanneer de stroomvraag hoog is, brengen we het stroomnet in balans. Hiermee benutten we bestaande infrastructuur efficiënter en creëren we tijdelijk extra ruimte op het elektriciteitsnet.  

 

Tijdelijke oplossing met impact  

Voor deze pilot worden gasgeneratoren ingezet om elektriciteit op te wekken tijdens piekbelasting. Dit is een bewuste keuze. In Utrecht kan netcongestie namelijk langdurig aanhouden, waardoor alternatieven zoals batterijen op dit moment niet altijd toereikend zijn. Een batterij is op gegeven moment leeg, daar waar een gasgenerator stroom kan blijven leveren.  

De inzet van fossiele opwek is geen structurele oplossing, maar een manier om op korte termijn ruimte te creëren en maatschappelijke impact te beperken. De gasgeneratoren zullen maar op een paar momenten per jaar geactiveerd worden, wanneer er langdurige overbelasting van het stroomnet dreigt.  

Samenwerking als sleutel

Deze pilot onderstreept dat het oplossen van netcongestie vraagt om samenwerking én nieuwe oplossingen. Naast technische innovaties spelen ook regelgeving en afspraken een belangrijke rol, omdat het spoorwegnet een gesloten systeem is dat nu wordt ingezet voor een breder maatschappelijk doel.  

Opschaling bij succes

Als de aanpak in Utrecht succesvol blijkt, zien de betrokken partijen mogelijkheden om op meerdere locaties langs het spoor vergelijkbare oplossingen toe te passen. Daarmee kan deze pilot bijdragen aan een bredere aanpak om het elektriciteitsnet slimmer te benutten en de druk op het net te verlagen. ProRail heeft zo’n 200 vergelijkbare aansluitingen op het elektriciteitsnet, die hiervoor kunnen worden ingezet.

Eerste binnenstedelijke ehub gestart in Den Haag

Ondanks een vol stroomnet, verduurzaamt het Rijksvastgoedbedrijf de energievoorziening van twee grote kantoorgebouwen in Den Haag. Door elektriciteitsaansluitingen van deze gebouwen te combineren kan duurzame warmte en koude uit de bodem beter worden benut voor het verwarmen en koelen zonder het stroomnet extra te belasten. Dankzij een nauwe samenwerking van EnergieRijk Den Haag, Stedin en Eneco, is deze energiehub binnen bereik gekomen. 

De gebouwen aan het Parnassusplein huisvesten onder meer het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, de ACM, en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, samen zo’n 3.500 medewerkers. Voor het verder verduurzamen van het systeem voor verwarmen en koelen van de twee gebouwen was een extra warmtepomp nodig. Helaas bleek dit niet mogelijk omdat de contractcapaciteit voor elektriciteit van het ene gebouw onvoldoende was. Uitbreiding van dit enkele contract was vanwege het volle stroomnet (netcongestie) niet mogelijk. De oplossing is gevonden in het gecombineerd kijken naar beide gebouwen, aangezien het andere gebouw juist stroomcapaciteit over had. 
 

124 ton CO2-reductie zonder het stroomnet te belasten 

Door breder te kijken naar beide gebouwen was het mogelijk een energiehub in te richten. Hierbij werken Rijksvastgoedbedrijf, Stedin en Eneco nauw samen om vraag en aanbod van de beschikbare lokale energie zo slim mogelijk op elkaar af te stemmen. De stroomcontracten van de afzonderlijke gebouwen zullen worden omgezet naar een groepscontract, een zogenaamde groepstransportovereenkomst (GTO). Zo kan het energieverbruik van beide gebouwen binnen de beschikbare capaciteit worden gehouden, terwijl er genoeg ruimte op het stroomnet beschikbaar blijft om een extra warmtepomp te plaatsen. Dit levert bovendien een groot voordeel voor de verduurzaming van de energievoorziening van de gebouwen op, want bij optimale inzet van het warmte-koude systeem is een CO2-reductie tot 124 ton mogelijk op jaarbasis. 

Het volledige persbericht is hier te lezen.

Laadplein met bidirectioneel laden geopend in Utrecht

In Utrecht is een bijzonder laadplein geopend dat laat zien hoe elektrische voertuigen kunnen bijdragen aan het verminderen van netcongestie. Stedin ontving hiervoor een internationale delegatie van Renault Group, samen met gedeputeerde Huib van Essen van de Provincie Utrecht. 

Op het laadplein staan 28 bidirectionele laadpunten en 46 bidirectionele voertuigen: Renault 5 en Renault 4 Van modellen. De locatie bevindt zich midden in een gebied waar het elektriciteitsnet onder druk staat. 

Van pilot naar opschaling

Het project richt zich niet langer op de vraag óf Vehicle-to-Grid (V2G) werkt, maar op hoe snel deze technologie opgeschaald kan worden.

Elektrische auto’s staan gemiddeld meer dan 90% van de tijd stil. Met bidirectioneel laden kunnen deze voertuigen niet alleen elektriciteit afnemen, maar ook tijdelijk terugleveren aan het net. Daarmee ontstaat flexibel vermogen op plekken waar de capaciteit van het elektriciteitsnet knelt. 

 

Onderzoek naar inzet in de praktijk

 Naast het laadplein onderzoekt Stedin ook wat V2G betekent voor het eigen wagenpark. Als eerste fleetowner worden medewerkers uitgerust met bidirectionele voertuigen en laadpalen bij hen thuis. 

Hiermee wordt niet alleen de technologie getest, maar ook hoe V2G in de dagelijkse praktijk werkt. 

Eerste inzichten

 De eerste resultaten zijn veelbelovend:

  • Voor netbeheerders biedt V2G extra flexibiliteit 
  • Voor fleetowners en gebouwbeheerders ontstaat de mogelijkheid om parkeerplaatsen actief onderdeel te maken van de energie-infrastructuur
  • Voor gebruikers kan slim laden en ontladen leiden tot lagere energiekosten 

De flexibiliteit die hiermee ontstaat, wordt via het GOPACS-platform ontsloten voor gezamenlijke netbeheerders. Dit helpt om congestie op het elektriciteitsnet te voorkomen. 

Volgende stap: samenwerking en regelgeving

 De technologie is beschikbaar en steeds meer automerken brengen voertuigen op de markt die geschikt zijn voor V2G. De volgende stap is opschaling. 

Daarvoor is samenwerking nodig tussen verschillende partijen, zoals autofabrikanten, fleetowners, laadinfra-aanbieders, leasemaatschappijen, vastgoedpartijen, overheden en netbeheerders. 

Ook passende regelgeving is noodzakelijk. Op dit moment wordt elektriciteit die tijdelijk wordt opgeslagen in een voertuig en later weer wordt ingezet, dubbel belast. Dat vormt nog een belemmering voor brede toepassing. 

Van onderzoek naar praktijk 

Om de flexibiliteit van toekomstige elektrische voertuigen volledig te benutten, moeten techniek en beleid in dezelfde richting bewegen. 

De ontwikkeling van V2G laat zien hoe we van onderzoek naar toepassing kunnen gaan – en van pilot naar praktijk.

Nieuw elektriciteitsstation Delft opengesteld tijdens Dag van de Bouw

Tijdens de Dag van de Bouw op zaterdag 20 juni in Delft kregen meer dan 600 bezoekers een kijkje achter de schermen van een nieuw elektriciteitsstation dat Stedin daar realiseert samen met aannemer FixPlan. Op het terrein konden bezoekers zien wat er komt kijken bij het toekomstbestendig maken van het stroomnet. 

De dag werd in de ochtend officieel geopend door Aline Arends, COO bij Stedin, en Maaike Zwart, wethouder Duurzaamheid, Werk en Inkomen en Economie van de gemeente Delft. Aansluitend was het terrein tot 15.00 uur toegankelijk voor bezoekers. Zij kregen uitleg over de werking van een verdeelstation en het belang ervan voor de energievoorziening.

Inzicht in de energietransitie 

Voor veel Nederlanders wordt de energietransitie zichtbaar in toepassingen zoals zonnepanelen, elektrische auto’s en warmtepompen. Minder zichtbaar is het onderliggende elektriciteitsnet dat hiervoor wordt aangepast en uitgebreid. 

Om deze ontwikkelingen mogelijk te maken, werkt Stedin aan de uitbreiding van het netwerk. Denk aan de aanleg van nieuwe kabels, transformatorhuisjes en elektriciteitsstations. Hiermee ontstaat stap voor stap meer ruimte op het net voor inwoners, bedrijven en maatschappelijke voorzieningen. 

Slimmer benutten van het net 

Naast uitbreiding van het netwerk is het beter benutten van de bestaande capaciteit van belang. Door elektriciteitsverbruik beter over de dag te spreiden, kan de beschikbare netcapaciteit effectiever worden gebruikt. 

Voorbeelden hiervan zijn het verplaatsen van energieverbruik naar momenten waarop er meer aanbod is, zoals het aanzetten van apparaten wanneer er veel zonne-energie beschikbaar is, of het opladen van een elektrische auto buiten piekmomenten. 

Terugblik

De Dag van de Bouw bood bezoekers de mogelijkheid om inzicht te krijgen in de werkzaamheden die nodig zijn om het stroomnet toekomstbestendig te maken. Daarmee werd zichtbaar wat er schuilgaat achter iets dat voor veel mensen vanzelfsprekend is: elektriciteit uit het stopcontact.